kook & wijn

Woknoedels met boontjes, paprika en roerei

Heb je soms ook echt mega zin in Aziatische smaken? Ik wel! Soms komt dat in eenzelfde soort craving naar ‘vet en ongezond voedsel’, soms in eenzelfde golf van ‘zin in gezond’. Dat laatste was onlangs het geval en ik maakte een zeer smaakvol maar toch ook voedzaam maaltje met eigen ‘snelle woksaus’. Het liefst gebruik ik geen pakjes en zakjes en zeker niet voor sauzen: daar zitten dan zoveel suikers, e-nummers en andere troep in dat ik het liever omzeil. Prima: in een Aziatische woksaus mág iets van bruine suiker of honing, maar niet teveel. Op de manier van zelf maken kan je zelf bepalen wat je erin gooit en dat voelt om de één of andere reden een stuk beter dan iets uit een zakje. Wij gebruikten dit keer glasnoedels, maar je kunt voor dit recept ook rijst bakken of eiernoedels gebruiken.

Ingrediënten

voor 2 personen

175 gram glasnoedels
2-3 cm verse gember, geschild
3 stengels bosui
3 tenen knoflook
1 theelepel chili flakes (of een half vers chili pepertje als je die hebt liggen)
3 eieren
250 gram sperzieboontjes, geblancheerd (kort gekookt en daarna weer ‘beetgaar’ gemaakt in ijswater), of verse doperwtjes uit de vriezer
1 paprika, in kleine blokjes
3 eetlepels sojasaus
1,5 eetlepel honing
1 eetlepel limoensap (als je een verse limoen koopt kun je het restant als partjes garnituur serveren maar citroen- of limoensap uit een flesje mag ook)
0,5 eetlepel sesamolie
2 theelepels Chinese 5-spice poeder
1 theelepeltje maizena
handje cashews/sesamzaadjes
half bosje koriander
wok- of pinda/zonnebloemolie

Eventueel toevoegen: garnalen of zalm

Zo maak je het

Rooster je cashews/sesamzaadjes en houd apart.

Snijd de helft van de knoflook en de helft van de gember in hele dunne plakjes (van een millimeter!) en houd deze apart. Deze bak je crispy (als chips) in een laagje wok-olie (eigenlijk frituren in een pannetje) tot gelig/heel licht bruin waarna je ze direct uit de pan haalt met een schuimspaan om verbranden te voorkomen. Houd apart en lek uit op een bordje met keukenpapier. Zorg dat de plakjes echt individueel in de olie belanden en niet aan elkaar plakken. Het is echt een heerlijke smaakmaker om aan het eind aan je gerecht toe te voegen.

Pluk de koriander (blaadjes) en houd apart.

Kluts de eieren met een scheutje sojasaus (eventueel beetje zwarte peper) en bak er een eitje van. Snijd in reepjes en houd apart.

Snijd de bosui in ringetjes, halveer de spezieboontjes en snijd de paprika in blokjes.
Maak het woksausje door 3 eetlepels sojasaus te mengen met 1,5 eetlepel honing (of bruine suiker), 1 eetlepel (of iets meer) limoensap, 0,5 eetlepel sesamolie, 2 theelepels Chinese 5-spices, 1 theelepel chili-flakes (of een half vers rood pepertje gesnipperd) en 1 theelepeltje maizena voor de binding. Klopt tot een stroperig mengsel en zet apart.

Blancheer de sperziebonen door ze kort (4-6 minuten afhankelijk van hoe dik ze zijn) voor te koken in zout water en ze daarna snel af te koelen in ijswater. Dep een beetje droog.

Week je glasnoedels in kokend water, meestal is 2-3 minuten genoeg (zie verpakking). Spoel met koud water, giet af in een zeef en dep droog. Gebruik je rijst, zorg er dan voor dat deze écht goed is afgekoeld, het liefst van de dag ervoor of ’s ochtends al gekookt. Afgekoelde rijst bakt een stuk beter dan warme rijst want die plakt aan de pan.

De 1,5 teen rauwe knoflook en 1,5 cm gember die je nog over hebt van de knoflook-gember chips (garnituur) snipper je fijn of rasp je.

Als alles klaar staat kun je het wokgerecht afmaken. De bedoeling van wokken is kort en snel verhitten op hoog vuur. Máár begin rustig met het aanfruiten van de ringetje bosui op medium hitte, in een flinke scheut wok- of pinda/zonnebloemolie. Dit verbrandt niet snel – véél minder snel dan knoflook bijvoorbeeld – en geeft veel smaak. Neem hier de tijd voor, zeker een minuut of vijf, voeg vervolgens de knoflook en gember toe en fruit nog even mee.

Nu ga je wokken. Draai het vuur hoog, voeg eerst de nog rauwe paprika toe, voeg dan de sperziebonen toe en wok door regelmatig te husselen maar tussendoor de ingrediënten ook tijd te geven kort aan te bakken. Blus je gerecht af met je woksausje en voeg ook de noedels (of rijst) toe. Bak mee en meng. Voeg de reepjes ei toe aan de pan. Als je garnalen of vis gebruikt is dit ook het moment om dit terug in de pan te doen (deze heb je dan aan het begin al aangebakken). Draai het vuur uit.

Proef het gerecht en breng op smaak. Wil je het gerecht zouter? Voeg sojasaus toe. Wil je het zoeter? Meer honing/suiker. Mis je wat pit? Voeg chilivlokken of een drupje Sriracha toe. Meer zuur? Extra limoensap. Wat extra umami? Een scheutje vissaus. Iets rijker/vetter? Een paar druppeltjes sesamolie! Verdeel als je tevreden bent over kommetjes of diepe borden.

Garneer met: koriander, handje cashews/sesamzaadjes en de krokante gember/knoflook. Eet het liefst met stokjes uit diepe kommen.

Bon Appétit!

You Might Also Like